ISSO-publicatie 50 voor het ontwerpen van warmwaterverwarmingsinstallaties is recentelijk geactualiseerd en uitgebreid. De richtlijnen voor wamteafgifte- en opweksystemen zijn aangevuld met nieuwe eisen uit het Bouwbesluit, de Warmtewet, de ErP-verordening en Ecodesign. Voor het eerst zijn ook warmwaterverwarmingsinstallaties voor kleine utiliteitsgebouwen opgenomen. ISSO-publicatie 50 beschrijft de ontwerptechnische kwaliteitseisen en richtlijnen voor warmwaterverwarmingsinstallaties in bestaande en nieuwe woningen en in kleine utiliteitsgebouwen. De publicatie leidt de installateur via gedetailleerde beschrijvingen langs alle soorten warmwaterverwarmingsinstallaties die op hoge of (zeer) lage ontwerptemperatuur functioneren.

Zo behandelt de publicatie afgiftesystemen met radiatoren, convectoren, vloer-, wand- luchtverwarming en betonkernactivering. Voor wat betreft de opwekking gaat ze in op cv-ketels, warmtepompen, stadsverwarming, wko en thermische zonnesystemen. In de nieuwe versie krijgen warmtepompinstallaties meer aandacht dan in de vorige. De techniek is de afgelopen jaren volwassener geworden, er is nu meer bekend over de ontwerpeisen en in diverse richtlijnen wordt er vaker naar verwezen. Vanwege de uitbreiding met kleine utiliteitsgebouwen komt nu ook een aantal klimaatsystemen aan bod die in de woningbouw niet of minder relevant zijn.

ISSO-publicatie 50 houdt rekening met alle nieuwe wet- en regelgeving die de afgelopen jaren is doorgevoerd. Zo staan er eisen in die voortkomen uit het Bouwbesluit van 2012 en de aanpassingen daarin. Ook de Warmtewet, de ErP-verordening en het Ecodesign komen erin voor. Verder haakt het document aan bij de actuele discussie over de koolmonoxide-problematiek, vooral door verbeterde rookgasafvoeren te beschrijven.

De nieuwe versie opent met een deel dat de technische eisen per installatietype omschrijft. Hieruit is af te leiden hoe de installateur een goed werkende installaties tot stand brengt. Het bevat specifieke kwaliteitseisen aan installaties die gering onderhoud vergen, minder energie gebruiken of gemakkelijker in het gebruik zijn. Een globaal ontwerp- en relatieschema maakt duidelijk waar de installateur of ontwerper keuzes moet maken, welke factoren daarbij een rol spelen en hoe ze elkaar beïnvloeden. Het schema verwijst veelvuldig naar de specificatiebladen met daarop de uitgewerkte ontwerptechnische kwaliteitseisen en richtlijnen. De specificatiebladen geven verder uitgebreide aanwijzingen voor het opstellen van een goed Programma van Eisen (PvE).